Oordelen helpt niet

harro-labrujere

Harro Labrujere

Harro heeft veel ervaring met sociale innovaties, samenwerken vanuit waarden en ondernemen in het sociaal domein. Medeoprichter en partner van Nieuw Organiseren en bestuurder van Kringwijs, een organisatie die werkt aan een samenleving waarin mensen verantwoordelijkheid nemen. Hij schreef het boek ‘Bouwen op sociale veerkracht’.

Oordelen helpt niet

Deze column is ook gepubliceerd op managementsite.nl.

Oordelen creëert afstand. Zet de relatie bovenaan

Een belangrijk deel van mijn opvoeding bestond er uit dat mij geleerd werd wat goed is en wat slecht. Opvoeden met een hoge moraal, een hoog besef van wat deugt en wat niet deugt, dat moet wel goed zijn. Of niet? Ik heb daar ondertussen de nodige twijfels over.

Want hoe kan ik anderen serieus nemen als er een persoonlijk (en volkomen arbitrair en ondoorgrondelijk) referentiekader is waar ik iedereen tegen afzet? Hoe kan ik met de halve informatie die ik heb oordelen over anderen, leidend tot uitspraken over goed en slecht? Hoe helpen deze oordelen om met elkaar om te gaan?

Ook in mijn werk raak ik steeds meer overtuigd dat oordelen niet helpt. Oordelen creëert afstand. Als jij over de ander oordeelt, dan meen je betere normen en waarden te hebben dan de ander en stel je jezelf dus op een ander (hoger) plan. Je kan wel aangeven wat iets voor jou betekent, of wat je denkt dat iets voor anderen kan betekenen, maar in dat laatste zal (logischerwijs) veel ruimte voor twijfel moeten zijn. Vragen stellen en bespreken om duidelijk te krijgen waarom een ander iets doet ligt dan meer in de rede. Iemand die hier zijn levenswerk van heeft gemaakt is Alfie Kohn. In ‘Punished by Rewards’ laat hij zien dat we vroeger oordeelden en via straf anderen bijstuurden. Nu is het moderner om niet te straffen maar te belonen, maar Alfie Kohn geeft aan dat dit nog steeds oordelen als uitgangspunt neemt en ons nog steeds niet helpt. Hij geeft tips over opvoeden. De volgende adviezen baseer ik op zijn werk

ADVIEZEN VOOR LEIDINGGEVEN EN HET OMGAAN MET COLLEGA’s

  1. Zet de relatie bovenaan. Probeer niet je gelijk te halen, je norm op te leggen, offer de relatie niet op, maar koester deze.

  2. Heroverweeg je verzoeken. Als je vindt dat niet wordt gedaan wat je vraagt, vraag dan geen dingen die anderen niet willen doen.

  3. Breng je onvoorwaardelijke vertrouwen over. Vertrouwen zet je niet aan/uit als iemand iets (in jouw ogen!) goed/verkeerd doet. Vertrouwen is er altijd; hou op met afstraffen. Hou ook op met allerlei beloningen, die benadrukken ook dat er voorwaarden hangen aan het vertrouwen.

  4. Waardeer ieders zorgen. Leg de nadruk niet op wat jij belangrijk vindt, hoor wat anderen belangrijk vinden.

  5. Communiceer concreet en vanuit jezelf. Praat vanuit ik, zeg wat je denkt en voelt, maak je niet groter dan je bent.

  6. Praat minder, luister meer. Luister naar ieders motivatie, ieders gedachtegang; daar heb je meer aan dan het eindeloos communiceren van jouw gedachtegang.

  7. Ga uit van het goede. Iedereen is er op uit het goede te doen, als dat niet lukt is dat een vraag om hulp.

  8. Zeg vaker ja. Iedereen wil ervaringen opdoen en experimenteren, laat dat gaan, rem niet voortdurend af op basis van jouw inschattingen wat fout kan gaan.

  9. Iedereen wil invloed. Het leren maken van goede beslissingen, vraagt ervaring met het maken van beslissingen; beslis niet voor anderen, laat ieder de ruimte voor beslissingen.

Deel deze blog via social media: